Disclaimer

In het onderdeel Regelgeving vindt u de complete tekst van de verordeningen en beleidsregels van de gemeente Noordwijk. De informatie in dit onderdeel vormt geen bekendmaking in de zin van de Gemeentewet of de Algemene wet bestuursrecht. Bekendmaking vindt plaats op overheid.nl

  

Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017

Voor deze verordening versie is geen samenvatting ingevoerd.

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie Gemeente Noordwijk
Officiële naam regeling Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017
Citeertitel Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017
Vastgesteld door gemeenteraad
Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld)
Onderwerp financiën en economie
Opmerkingen m.b.t. de regeling Geen.
Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Geen.
Betreft (aard van de wijziging) nieuwe regeling
Datum van inwerkingtreding van (een versie van) de regeling 15-09-2017
Datum terugwerkende kracht (t/m) van (een versie van) de regeling
Datum ondertekening van (een wijziging van) de regeling 31-08-2017
Bron bekendmaking van (een wijziging van) de regeling Gemeenteblad, Jaargang 2017, Nr. 160171
Kenmerk voorstel Onbekend.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Datum uitwerkingtreding Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
15-09-2017 nieuwe regeling 31-08-2017
Gemeenteblad, Jaargang 2017, Nr. 160171
Onbekend.

Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017

 

 

 

De raad van de gemeente Noordwijk,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 september 2017.

 

Overwegingen:

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, artikel 4:23 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening van de gemeente Noordwijk 2011;

 

BESLUIT:

Vast te stellen de subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017

 

 

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Deze verordening verstaat onder:

  1. 1.beschermde gemeentelijke monumenten: onroerende goederen, objecten of terreinen, die vanwege hun bijzondere (cultuur)historische, architectonische, landschappelijke, volkskundige, wetenschappelijke en/of esthetische betekenis op grond van artikel 3 van de Erfgoedverordening Noordwijk 2011 bij besluit van het college van burgemeester en wethouders zijn aangewezen als beschermd gemeentelijk monument;

  2. 2.bouwhistorisch onderzoek: in een schriftelijke rapportage vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en bouwhistorische waarden van een gemeentelijk monument, bedoeld als onderbouwing voor de aanwijzing van een object als beschermd gemeentelijk monument of als toetsingskader voor de werkzaamheden met het oog op de instandhouding van een beschermd gemeentelijk monument;

  3. 3.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijk;

  4. 4.Commissie Erfgoed Noordwijk: de door het college van burgemeester en wethouders ingestelde commissie die tot taak heeft het college van burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Erfgoedwet, de Erfgoedverordening Noordwijk 2011, deze Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017 en (de uitvoering van) het beleid ten aanzien van het onroerende culturele erfgoed in ruime zin;

  5. 5.eigenaar: een natuurlijke of rechtspersoon, die in de kadastrale registers als eigenaar, erfpachter of houder van het recht van opstal van een beschermd gemeentelijk monument staat ingeschreven;

  6. 6.Erfgoedverordening: Erfgoedverordening Noordwijk 2011;

  7. 7.gemeentelijke monumentenlijst: lijst als bedoeld in artikel 7 van de Erfgoedverordening Noordwijk 2011;

  8. 8.instandhoudingwerkzaamheden: restauratie- en/of onderhoudswerkzaamheden, die noodzakelijk zijn voor het herstel of de instandhouding van (de monumentale waarden van) een beschermd gemeentelijk monument;

  9. 9.Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten: de richtlijn voor de berekening en vaststelling van de subsidiabele instandhoudingkosten;

  10. 10.mailing: brief waarin de eigenaar wordt geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een subsidieverzoek en de wijze waarop dat moet gebeuren;

  11. 11.Monumentenwacht Zuid-Holland: een onafhankelijke stichting die inspecties uitvoert en adviezen verstrekt over de aanpak van onderhouds- en restauratiewerkzaamheden;

  12. 12.Raad: de gemeenteraad van de gemeente Noordwijk;

  13. 13.subsidiabele instandhoudingskosten: kosten die noodzakelijk zijn voor het herstel of de instandhouding van de monumentale waarden van een beschermd gemeentelijk monument, zoals beschreven in de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten. Kosten die uitsluitend of overwegend worden gemaakt voor de verbetering van het wooncomfort vallen buiten deze regeling;

  14. 14.Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een kalenderjaar krachtens deze verordening ten hoogste beschikbaar is voor het totaal toe te kennen subsidie krachtens deze verordening.

  15. 15.Subsidieverdelingsbesluit: het besluit over de te verlenen subsidieaanvragen voor de instandhouding van beschermde gemeentelijke monumenten in enig jaar. Het verdelingsbesluit wordt opgesteld op basis van de subsidieaanvragen die gedurende het jaar worden ingediend, na een jaarlijkse mailing aan de eigenaren van beschermde gemeentelijke monumenten en de doorgeschoven subsidieaanvragen van het voorgaande jaar of de voorgaande jaren.

Artikel 2. Toepassing Algemene subsidieverordening Noordwijk 2011

De Algemene subsidieverordening Noordwijk 2011 is van toepassing op het verstrekken van subsidies ingevolge deze verordening, behalve voor zover bij of krachtens deze verordening op enig punt van het gestelde bij of krachtens de Algemene subsidieverordening Noordwijk 2011 wordt afgeweken.

Artikel 3. Reikwijdte verordening

Deze verordening is van toepassing op subsidieaanvragen voor werkzaamheden aan beschermde gemeentelijke monumenten, die beogen de monumentale en cultuurhistorische waarden in stand te houden, alsmede op vergoeding van kosten op grond van de artikelen 5, 6 en 7 van deze verordening.

Artikel 4. Reikwijdte verordening

Het subsidieplafond voor de in deze verordening beschreven subsidiemogelijkheden en vergoedingen is € 40.000,- per kalenderjaar.

Artikel 5. Abonnement Monumentenwacht Zuid-Holland

  1. 1.Aan de eigenaar van een beschermd gemeentelijk monument kan een vergoeding worden toegekend van de kosten die zijn verbonden aan een abonnement en een periodieke inspectie van het beschermde gemeentelijke monument door de Monumentenwacht Zuid-Holland;

  2. 2.De eigenaar geeft aan het college en de Monumentenwacht Zuid-Holland schriftelijk toestemming tot het afsluiten van een abonnement en het verrichten van inspecties van het beschermde gemeentelijke monument, waarbij de voorwaarde geldt dat het college een kopie ontvangt van de inspectierapporten;

  3. 3.Het college sluit een contract af met de Monumentenwacht Zuid-Holland. De kosten voor het abonnement en de kosten voor de inspecties worden 100% vergoed;

  4. 4.Het contract wordt automatisch en stilzwijgend verlengd, ook in geval van een nieuwe eigenaar;

  5. 5.De (nieuwe) eigenaar kan de schriftelijke toestemming, als bedoeld in het tweede lid van dit artikel, weer schriftelijk intrekken;

  6. 6.Het college kan in bijzondere gevallen of bij misbruik het contract ontbinden.

Artikel 6. Gemeentelijk monumentenschildje

  1. 1.Aan de eigenaar van een beschermd gemeentelijk monument kan éénmalig de vergoeding van de kosten van de aanschaf en de bevestiging van een gemeentelijk monumentenschildje worden toegekend;

  2. 2.De bevestiging van het gemeentelijke monumentenschildje wordt verricht door de Monumentenwacht Zuid-Holland;

  3. 3.De aanschaf en bevestiging van het gemeentelijke monumentenschildje wordt 100% vergoed.

Artikel 7. Gemeentelijke leges

  1. 1.Aan de eigenaar van een beschermd gemeentelijk monument kan een vergoeding van de kosten van gemeentelijke leges voor een omgevingsvergunning (voor de activiteit wijzigen van een beschermd gemeentelijk monument) worden toegekend;

  2. 2.De omgevingsvergunning zoals vermeld in artikel 7, lid 1, dient onherroepelijk te zijn verleend;

  3. 3.De hoogte van de subsidie voor de onder artikel 7, lid 1, genoemde leges is 50%.

Hoofdstuk 2. Subsidieverdeling

Artikel 8. Bevoegdheid

  1. 1.Het college is - binnen het kader van het in deze regeling opgenomen subsidieplafond - bevoegd tot het verlenen, vaststellen en uitbetalen van subsidies en vergoedingen als bedoeld in deze verordening;

  2. 2.Het college is bevoegd tot het intrekken of wijzigen van subsidieverlening- of subsidievaststelling besluiten, en tot het geheel of gedeeltelijk terugvorderen van reeds uitbetaalde subsidiegelden; ten aanzien van deze bevoegdheden is afdeling 4.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht onverkort van toepassing.

Artikel 9. Subsidieverdelingsbesluit

  1. 1.Het college kan jaarlijks een subsidieverdelingsbesluit nemen waarin de door de eigenaren van de in de gemeente gelegen beschermde gemeentelijke monumenten te ondernemen instandhoudingswerkzaamheden worden aangegeven;

  2. 2.Het verdelingsbesluit moet een globale raming inhouden van de kosten voor de eigenaar van de voorgenomen instandhoudingswerkzaamheden, alsmede van de hoogte van het eventueel te verlenen gemeentelijke subsidie;

  3. 3.Het verdelingsbesluit wordt opgesteld op basis van de ingediende subsidieaanvragen, die voortvloeien uit een jaarlijks te houden mailing naar de eigenaren van de in de gemeente gelegen beschermde gemeentelijke monumenten, de subsidieaanvragen die gedurende het jaar worden ingediend en de eventueel doorgeschoven subsidieaanvragen;

  4. 4.Bij het bepalen van de toekenning van subsidie voor de instandhouding van beschermde gemeentelijke monumenten worden subsidies toegekend in volgorde van urgentie van de instandhoudingbehoefte op basis van het inspectierapport van de Monumentenwacht Zuid-Holland. Bij gelijke urgentie bepaalt de volgorde van binnenkomst de volgorde van toekenning. Overige subsidieaanvragen worden afgehandeld in volgorde van binnenkomst;

  5. 5.Het college neemt het verdelingsbesluit, de Commissie Erfgoed Noordwijk gehoord hebbende.

Hoofdstuk 3. Subsidie

Artikel 10. Subsidiabele instandhoudingskosten

  1. 1.Aan de eigenaar van een beschermd gemeentelijk monument kan een subsidie over de subsidiabele instandhoudingskosten worden verleend;

  2. 2.De subsidiabele instandhoudingskosten van de werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 3 worden bepaald aan de hand van beoordeling op noodzakelijkheid, soberheid en doelmatigheid of moeten zijn gericht op het voorkomen van verval of het vervangen van materiaal dat gebreken vertoont en zijn functie heeft verloren;

  3. 3.De hoogte van de subsidiabele instandhoudingskosten wordt bepaald aan de hand van de meest recente versie van de “Leidraad Subsidiabele Instandhoudingskosten” van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed;

  4. 4.De kosten van bouwkundig, bouwhistorisch en interieuronderzoek vallen onder de subsidiabele instandhoudingskosten zoals vermeld in het eerste lid van dit artikel, mits het onderzoek noodzakelijk is en is uitgevoerd de Monumentenwacht Zuid-Holland of een ander, naar het oordeel van het college, gekwalificeerd bureau;

  5. 5.Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de leidraad, zoals genoemd in het derde lid;

  6. 6.Beschermde gemeentelijke monumenten in eigendom van de gemeente, andere overheden en semioverheidsinstellingen worden uitgesloten van subsidiëring.

Artikel 11. Hoogte subsidie

  1. 1.De subsidie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, bedraagt voor een beschermd gemeentelijk monument 50% van de door het college vastgestelde subsidiabele instandhoudingskosten;

  2. 2.De subsidie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, bedraagt voor een beschermd gemeentelijk monument 50% van de door het college vastgestelde subsidiabele instandhoudingskosten, gerekend over de materiaalkosten als de werkzaamheden geheel in zelfwerkzaamheid worden uitgevoerd;

  3. 3.De subsidiabele instandhoudingskosten zijn – indien de werkzaamheden geheel in zelfwerkzaamheid worden uitgevoerd – minimaal € 500,-. Als de werkzaamheden niet geheel in zelfwerkzaamheid worden uitgevoerd dienen de subsidiabele instandhoudingskosten minimaal € 1.000,- te zijn;

  4. 4.Het subsidiebedrag dat per beschermd gemeentelijk monument wordt uitgekeerd is maximaal € 7.500,- over een periode van vier jaar en wordt slechts een maal in de vier jaar per beschermd gemeentelijk monument verstrekt;

  5. 5.In daarvoor naar het oordeel van burgemeester en wethouders in aanmerking komende bijzondere gevallen kan de subsidie op een hoger bedrag worden vastgesteld dan voortvloeit uit het vierde lid van dit artikel.

 

 

 

Hoofdstuk 4. Subsidieverlening

Artikel 12. Subsidieaanvraag

  1. 1.Een aanvraag om subsidie moet schriftelijk door de eigenaar bij burgemeester en wethouders worden ingediend op een daartoe beschikbaar te stellen formulier;

  2. 2.In de formulieren staat aangegeven wat de indieningsvereisten zijn voor het aanvragen van een subsidie

  3. 3.Er wordt onderscheid gemaakt tussen instandhoudingwerkzaamheden waarvoor wel of geen omgevingsvergunning verplicht is op basis van de Erfgoedverordening Noordwijk 2011.

Artikel 13. Hoogte subsidie

  1. 1.Indien de aanvraag niet volledig is, of niet is voorzien van alle in de formulieren, als bedoeld in artikel 12, lid 2, genoemde bescheiden, dan wel wanneer de aangeleverde gegevens onvoldoende duidelijk zijn om de aanvraag in behandeling te kunnen nemen, doet het college daarvan binnen vier weken na ontvangst schriftelijk mededeling aan de aanvrager;

  2. 2.De aanvrager dient binnen de in de mededeling aangegeven termijn zijn aanvraag aan te vullen met de nog ontbrekende gegevens of deze gegevens desgevraagd te verduidelijken. Indien de gevraagde gegevens en/of duidelijkheid niet binnen deze termijn zijn verstrekt, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.

Artikel 14. Advies Commissie Erfgoed Noordwijk

  1. 1.Alvorens een beslissing te nemen op een subsidieaanvraag kan het college advies inwinnen van de Commissie Erfgoed Noordwijk;

  2. 2.De Commissie Erfgoed Noordwijk adviseert binnen vier weken na ontvangst van de adviesaanvraag aan het college;

  3. 3.Het college kan de adviestermijn in bijzondere gevallen verlengen met maximaal vier weken. Van deze beslissing wordt de aanvrager in kennis gesteld.

Artikel 15. Beschikking en bevoorschotting subsidieverlening

  1. 1.Het college verleent de aanvrager van subsidie een voorschot van 100% van het subsidiebedrag;

  2. 2.De verlening van het voorschot vindt gelijktijdig plaats met de beschikking tot subsidieverlening;

  3. 3.Het college geeft deze beschikking binnen vier weken, nadat de Commissie Erfgoed Noordwijk advies heeft uitgebracht;

  4. 4.Indien voor enig jaar een subsidieverdelingbesluit is genomen, de subsidieverlening daarin niet is opgenomen en het subsidieplafond is bereikt, wordt deze betrokken in het subsidieverdelingbesluit van het daaropvolgende jaar.

Artikel 16. Weigeringsgronden

Subsidie wordt in ieder geval geweigerd:

  1. a.indien de voor het verrichten van de werkzaamheden noodzakelijke vergunningen niet zijn verleend;

  2. b.indien met de werkzaamheden is begonnen, voordat de eigenaar van het college een beschikking tot subsidieverlening heeft ontvangen, dan wel bericht heeft gekregen welke kosten als subsidiabele kosten zijn aangemerkt;

  3. c.als de kosten op grond van een verzekeringsovereenkomst zijn gedekt;

  4. d.indien het beschermde gemeentelijke monument waarop de aanvraag betrekking heeft niet is verzekerd onder een zogenaamde uitgebreide opstalverzekering, gebaseerd op de (herbouw)waarde van het monument;

  5. e.als dezelfde werkzaamheden binnen een periode van tien jaren voorafgaand aan het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend al voor subsidie in aanmerking zijn gekomen. Voor buitenschilderwerk geldt een periode van vijf jaren;

  6. f.als door het verlenen van subsidie het in artikel 4 bedoelde subsidieplafond wordt overschreden.

Hoofdstuk 4. Subsidieverlening

Artikel 17. Verplichtingen van de subsidieontvanger

De subsidieontvanger is gehouden het college schriftelijk op de hoogte te stellen van de navolgende feiten zodra deze zich voordoen:
- de activiteiten waarvoor subsidie is verleend worden niet, niet geheel of niet tijdig verricht;
- aan de verplichtingen die zijn verbonden aan de subsidieverlening wordt niet, niet geheel of niet tijdig voldaan

Artikel 18. Kettingbeding

  1. 1.De in dit hoofdstuk opgenomen subsidieverplichtingen gelden zowel voor de eigenaar aan wie de subsidie wordt verleend als voor iedere opvolgende eigenaar van het beschermde gemeentelijke monument, tenzij hierna in dit artikel anders is bepaald;

  2. 2.Bij iedere overdracht of overgang van de eigendom, het recht van erfpacht of opstal ten aanzien van een beschermd gemeentelijk monument of deel daarvan, rust zowel op de vervreemdende als de verkrijgende partij(en) de plicht om het college hiervan schriftelijk in kennis te stellen, met dien verstande dat wanneer een van de partijen aan deze verplichting heeft voldaan de andere daarvan is ontheven;

  3. 3.Bij elke overdracht van de eigendom, het recht van erfpacht of opstal, is de overdragende partij gehouden van de wederpartij te bedingen dat deze op zich neemt de verplichtingen jegens de gemeente, zoals beschreven in dit hoofdstuk, met dien verstande dat ingeval de overdracht plaatsvindt na de voltooiing van de werkzaamheden, de oplegging van de verplichtingen zoals omschreven achterwege kan blijven;

  4. 4.De overdragende partij is verplicht om burgemeester en wethouders tijdig in kennis te stellen van uur en plaats van overdracht, zodat de gemeente bij de overdracht vertegenwoordigd kan zijn, teneinde het ten haren behoeve gemaakte beding, als bedoeld in het vorige lid, bij de akte te doen aanvaarden.

Artikel 19. Termijn aanvang en beëindiging werkzaamheden

  1. 1.De eigenaar is verplicht om zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen zes maanden na verlening van de subsidie, te beginnen met de uitvoering van de werkzaamheden. Als niet aan deze verplichting wordt voldaan, komt de subsidieverlening te vervallen;

  2. 2.De eigenaar moet, met gebruikmaking van een daartoe door het college beschikbaar gesteld formulier, twee weken voor aanvang van de werkzaamheden hiervan melding maken;

  3. 3.De werkzaamheden moeten uiterlijk binnen twaalf maanden na verzending van het besluit tot subsidieverlening zijn voltooid;

  4. 4.Bij onvoorziene omstandigheden, die buiten de directe invloedsfeer van de aanvrager liggen, kan het college de in het eerste en tweede lid genoemde termijnen op verzoek van de aanvrager schriftelijk verlengen.

Artikel 20. Uitvoering

  1. 1.Het werk moet worden uitgevoerd volgens de Uitvoeringsvoorschriften voor instandhoudings- en restauratiewerkzaamheden aan monumenten;

  2. 2.Het college kan van de eigenaar nadere rapportages verlangen over de voortgang en uitvoering van de werkzaamheden.

Artikel 21. Toezicht

De eigenaar is verplicht om aan door het college aangewezen personen van de gemeente toegang tot de werkplaats(en) en het werk te verlenen, alsook inzage te geven in alle op het werk betrekking hebbende stukken.

Artikel 22. Verzekering

  1. 1.De eigenaar is verplicht het beschermde gemeentelijke monument verzekerd te houden onder een zogenaamde uitgebreide opstalverzekering, zodanig dat de kosten van herstel of herbouw steeds door de verzekering voldoende gedekt zijn;

  2. 2.In geval van schade, ook wanneer daarvoor geen verzekeringsdekking zou bestaan, is de eigenaar gehouden tot volledig herstel c.q. herbouw van het beschermde gemeentelijke monument in de oorspronkelijke staat.

Artikel 23. Verbod

Het is de eigenaar verboden om zonder voorafgaande toestemming van het college tijdens of na voltooiing van de werkzaamheden het beschermde gemeentelijke monument af te breken, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, dan wel het te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze, waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.

Artikel 24. Ontheffing

Het college kan uit overwegingen van redelijkheid en billijkheid van de verplichtingen, zoals omschreven in dit hoofdstuk, gehele of gedeeltelijke ontheffing verlenen.

Hoofdstuk 6. Subsidievaststelling

Artikel 25. Gereedmelding en verantwoording

  1. 1.Binnen dertien weken na het gereedkomen van de werkzaamheden dient de aanvrager bij de gemeente te melden dat de werkzaamheden zijn afgerond. De wijze waarop deze melding dient te geschieden, wordt vermeld in de subsidiebeschikking;

  2. 2.Op verzoek van het college toont de subsidieontvanger aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidieverlening zijn verbonden. Bij beschikking wordt aangegeven op welke wijze dit wordt aangetoond.

 

Artikel 26. Subsidievaststelling

  1. 1.De subsidie wordt vastgesteld zonder aanvraag daartoe binnen dertien weken na ontvangst van de gereedmelding;

  2. 2.Als de activiteiten in strijd met het bepaalde in de Erfgoedverordening Noordwijk 2011 of in afwijking van het bepaalde in de subsidiebeschikking zijn uitgevoerd, kan het subsidie lager dan de verlening worden vastgesteld;

  3. 3.De definitieve subsidie is in principe gelijk aan de verleende subsidie, tenzij de werkelijke subsidiabele kosten hoger of lager zijn dan aanvankelijk geraamd, dan wel er sprake is van meer- of minderwerk;

  4. 4.Ingeval er sprake is van meerwerk dient de aanvrager vóór aanvang van de betreffende werkzaamheden, hiervoor goedkeuring te vragen aan het college.

Artikel 27. Terugvordering

Na de subsidievaststelling is de subsidieontvanger verplicht een eventueel teveel ontvangen subsidievoorschot onverwijld terug te betalen;

Hoofdstuk 6. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 28. Hardheidsclausule

In bijzondere gevallen kan het college in het belang van de instandhouding van een beschermd gemeentelijk monument afwijken van de bepalingen van deze verordening. De Commissie Erfgoed Noordwijk adviseert over de afwijking.

Artikel 29. Overgangsbepaling

Deze verordening is niet van toepassing op subsidies die vóór de inwerkingtreding van deze verordening zijn verleend of vastgesteld.

Artikel 30. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 15 september 2017.

Artikel 31.        Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Subsidieverordening beschermde gemeentelijke monumenten Noordwijk 2017’.

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Noordwijk 31 augustus 2017

 

De raad voornoemd,

 

De griffier, de voorzitter